Leerlingen met een gezonde leefstijl presteren beter en zitten lekkerder in hun vel. Voldoende beweging en sport zijn essentieel bij een gezonde leefstijl. Aandacht voor sport en bewegen in het onderwijs is daarom belangrijk. Het zorgt voor een betere gezondheid, vitaliteit, fitheid en meer zelfvertrouwen bij leerlingen. Ook is het goed voor de sociale en cognitieve ontwikkeling: leerlingen leren samenwerken, doelen stellen en met winst en verlies omgaan.

Waarom aan de slag met dit thema?

Feit 1

Uit de Gezondheidsenquête Leefstijlmonitor blijkt dat 44% van de 12-17 jarigen in 2017 aan de Beweegrichtlijnen voldeed. 

Feit 2

Laagopgeleiden voldoen minder vaak aan de beweegrichtlijn.
 

Beweegvaardigheden

Sport en bewegen hebben  positieve effecten op de motorische en beweegvaardigheden en op fitheid, die voor het leren in het onderwijs allemaal van belang zijn. Het ‘Human Capital Model’ van onderzoeker Richard Bailey geeft de effecten van sport en bewegen weer in een model.

In de nieuwe beweegrichtlijn van de Gezondheidsraad (2017) wordt voor kinderen en jongeren geadviseerd:

  • elke dag minstens een uur aan matig intensieve inspanning te doen. Langer, vaker en/ of intensiever bewegen geeft extra gezondheidsvoordeel.
  • minstens driemaal per week spier- en botversterkende activiteiten te doen.

De overgang van het primair onderwijs naar het voortgezet onderwijs is een belangrijke ‘life event’ voor leerlingen en heeft zijn weerslag op sport- en beweeggedrag. Voor deze leeftijdsgroep blijkt dat prestatie en plezier centraal staan en tijdgebrek de grootste belemmering is. De school kan dan ook een belangrijke rol spelen in het enthousiasmeren van jongeren voor sport.

Wat kan de school doen?

De school kan op verschillende manieren bijdragen aan sport en bewegen bij leerlingen. Binnen dit thema gaat het om stimuleren van een actieve leefstijl onder leerlingen. Denk hierbij aan het geven van kwalitatief goede lessen Lichamelijke Opvoeding en extra aandacht voor inactieve leerlingen. Maar ook het aanbieden van een breed en gevarieerd aanbod van tussen- en naschoolse sport- en bewegingsactiviteiten in samenwerking met buitenschoolse lokale beweeg- en sportaanbieders hoort bij (het stimuleren van) bewegen en sporten in en rondom de school. Zorg ervoor dat de kinderen met plezier sporten en bewegen op school, zodat kinderen een leven lang willen bewegen. Een buurtsportcoach of combinatiefunctionaris kan een verbinding maken met het naschoolse sportaanbod. Denk ook aan het beweeg- en sportvriendelijk inrichten van de schoolomgeving, zoals een Gezond Schoolplein en voldoende fietsenstallingen.

De docent Lichamelijke opvoeding heeft een belangrijke rol bij het signaleren van leerlingen die extra ondersteuning of stimulans nodig hebben om meer te bewegen. Verder is het van belang om ouders te betrekken, door hen te informeren over hoe zij gezond beweeggedrag bij hun kind kunnen stimuleren en bij het opstellen over beleid. Aanbevolen wordt om het programma dat de school in samenwerking met andere partijen biedt ten aanzien van sport- en beweegactiviteiten duidelijk op te nemen in de schoolgids zodat zichtbaar wordt dat het bevorderen van een actieve en gezonde leefstijl verankerd is in het beleid.

Door te werken aan de pijlers Educatie, Signaleren, Schoolomgeving en Beleid werkt de school op een goede manier aan het thema Bewegen en sport. De Gezonde School-adviseur van uw regionale GGD kan u adviseren en ondersteunen bij de uitvoering van de Gezonde School-aanpak op het thema Welbevinden. Ook kunt u de Gezonde School-adviseur vragen naar relevante gezondheidscijfers op school-, gemeente- of regioniveau.

Tip: erkende Gezonde School-activiteiten en lespakketten vindt u in de zoektool met Gezonde School-activiteiten.

Dwarsverbanden

Het thema Sport en bewegen raakt het thema Voeding, bijvoorbeeld in de bestrijding van overgewicht bij leerlingen. In verschillende aanpakken gericht op overgewicht,  trekken deze thema’s gezamenlijk op. Een voorbeeld is de interventie Judo in de Zorg.

Maar ook breder dan overgewicht is er een belangrijke relatie. Zo is onderzoek gedaan door de Open Universiteit Heerlen naar de invloed van voeding en slaap op optimaal leren en hoe dit ook weer met bewegen verband houdt.

Om sportuitval te voorkomen zijn er 14 factoren benoemd voor jongeren van 12-18 jaar. Bij inzetten op deze factoren zullen jongeren gemotiveerder zijn in het beoefenen van sport.

Themacertificaat Bewegen en sport aanvragen

Om het themacertificaat aan te vragen, vult u de vragenlijst in via het online aanvraagsysteem. Om u voor te bereiden op de gestelde vragen, kunt u de vragenlijst in pdf-versie alvast inzien. Na het behalen van minimaal één themacertificaat mag uw school-locatie zich een Gezonde School noemen. Lees meer informatie over het vignet Gezonde School en bekijk het instructiefilmpje over het aanvraagproces.

Vragenlijst

De opzet van de vragenlijst Bewegen en Sport is net een beetje anders dan de andere thema’s. Dit heeft te maken met het feit dat er voor een deel van dit thema al een apart bestaand vak is binnen het verplichte schoolcurriculum, namelijk het bewegingsonderwijs. De vragenlijst is onderverdeeld in basiscriteria en aanvullende vragen. De criteria waaraan scholen voor 100% moeten voldoen zijn opgenomen in de vier pijlers. Daarnaast moet er op de aanvullende (beeld-)vragen ook een minimaal aantal punten behaald worden om in aanmerking te komen voor het themacertificaat Bewegen en sport.

Voor scholen met voortgezet speciaal onderwijs (vso) geldt: gebruik de vragenlijst voor het primair onderwijs, deze is aangepast voor het vso.

Handige links