U bent hier

Psychische problemen

Wanneer de normale sociaal-emotionele ontwikkeling van jongeren zoals eerder beschreven spaak loopt, kan er sprake zijn ontwikkeling van psychische problematiek. Voor diverse DSM-stoornissen blijkt in de tienertijd een kiem te zijn gelegd. Maar omgekeerd is het zeker niet zo dat alle problemen die zich in tienertijd voordoen, zich later tot een diagnosticeerbare stoornis ontwikkelen.
  • Psychische problemen komen veel voor in de adolescentie. Gemiddeld rapporteert rond de 15% van de jongeren in het voortgezet onderwijs psychische problemen ([1]). Meisjes vertonen vaker emotionele problemen, terwijl jongens vaker gedragsproblemen laten zien.
  • Psychische problematiek is onder te verdelen in verschillende stoornissen: angststoornissen, stemmingsstoornissen, eetstoornissen, persoonlijkheidsstoornissen en een categorie overig waarbinnen onder andere autisme, ADHD en schizofrenie vallen.
  • Een veelvoorkomende angst op het voortgezet onderwijs is faalangst. Er zijn geen cijfers bekend hoe vaak dit voorkomt. Er is sprake van negatieve faalangst als een jongere irrationeel bang is om te falen waardoor prestaties slechter worden dan verwacht.
  • Onder stemmingsstoornissen valt onder andere depressie; hiervan heeft ongeveer 3% van de Nederlandse jongeren tussen 13-18 jaar last ([2]). De prevalentie van depressieve gevoelens is niet bekend, maar in de adolescentie zijn jongeren door een veranderende hormoonhuishouding kwetsbaarder voor pieken en dalen in emotiebeleving. Hierdoor worden pieken en dalen intenser beleefd en zit er in mindere mate een rem op hieruit voortvloeiend gedrag dan bij volwassenen.
  • Eetstoornissen komen bij 0,3% van de 13-18-jarigen voor ([2]).
  • Psychiaters en psychologen zijn zeer terughoudend met het diagnosticeren van persoonlijkheidsstoornissen op jeugdige leeftijd. Dit komt omdat deze stoornissen gekenmerkt worden door een star en duurzaam patroon van gedachten, gevoelens en gedragingen die binnen de cultuur van de betrokkene duidelijk afwijkt van de verwachtingen. In de adolescentie past diagnostiek op dit vlak nog niet (Trimbos.nl).
  • De prevalentie binnen het voortgezet onderwijs van autisme en autismespectrumstoornissen is onbekend, maar wordt op basis van gegevens onder volwassenen geschat op 0,6 tot 1% ([3]). ADHD komt onder ongeveer bij 3-5% van alle 13-17-jarigen voor, en vaker bij jongens dan bij meisjes ([4]).
  • Leerlingen uit lagere opleidingsniveaus rapporteren meer problemen en het minst prosociale gedrag ([1]): op het vmbo-b kan ruim 20% als problematisch worden gekarakteriseerd, terwijl op het vwo deze groep 8% beslaat.
  • Emotionele en gedragsproblemen hangen samen met een ongezonde leefstijl. Jongeren met psychische problemen sporten en bewegen minder dan psychisch gezonde jongeren. Jongeren met gedragsproblemen lopen een verhoogd risico op problemen met het gebruik van middelen en seksueel grensoverschrijdend gedrag.
  • Emotionele en gedragsproblemen hangen samen met verminderde schoolprestaties, spijbelen en voortijdig schoolverlaten. Dit zijn voorspellers voor disruptief en overlastgevend gedrag en dit heeft een negatieve invloed op de startkwalificatie die jongeren nodig hebben bij het betreden van de arbeidsmarkt.
  • De puberteit is een belangrijke periode voor de sociaal-emotionele ontwikkeling van jongeren tot evenwichtige volwassenen. Vrienden worden belangrijker en sociale vaardigheden, weerbaarheid en het zelfbeeld ontwikkelen zich sterk in deze fase. Jongeren zijn gevoelig voor de mening van anderen en het ‘ideaalbeeld’ dat in de media en videoclips wordt geschetst. De invloed van ouders en andere opvoeders blijft echter van belang ([1]).

Meer informatie

Pharos.nl

Referenties en bronnen

Referenties

  1. Van Dorsselaer S, De Looze M, Vermeulen-Smit E, De Roos S, Verdurmen J, TerBogt T. Gezondheid, welzijn en opvoeding van jongeren in Nederland. 2010.
  2. Verhulst FC, Van Der Ende J, Ferdinand RF, Kasius MC. De prevalentie van psychiatrische stoornissen bij Nederlandse adolescenten. 1997.
  3. Gezondheidsraad Autismespectrumstoornissen: Een leven lang anders. 2009.
  4. De Schoemaker C, Ruiter C, Van Den Berg M, Cuijpers P, De Graaf R, M Have T, et al. Nationale monitor geestelijke gezondheid. 2003.

Ook gevonden

Afdrukken:

Via printer