Wat staat er in het beleid?

De school beschikt over een goed beschreven pedagogisch klimaat en/of gezamenlijke visie en doelstellingen rondom Welbevinden. De volgende vier componenten zijn van belang om het welbevinden van leerlingen én leerkrachten te bevorderen:

  • Een positief pedagogisch klimaat.
  • Versterken van sociaal-emotionele vaardigheden van leerlingen en het welbevinden van leerkrachten.
  • Ouders en/of verzorgers actief betrekken.
  • Ondersteuning bieden aan leerlingen met extra zorgbehoefte.

Idealiter komen al deze componenten terug in het beleid. De school bepaalt hoe ze wil bijdragen aan het welbevinden van leerlingen door kernwaarden te bepalen zoals: verbondenheid, veiligheid, respect voor elkaar, openheid in communicatie en waardering voor verschillen. Deze kernwaarden komen terug in het school(beleids)plan en in gedragsregels. Daar wordt ook vermeld hoe de regels worden gehandhaafd.

Betrek leerlingen, medewerkers en ouders

Leerlingen, medewerkers en ouders worden betrokken bij het vormen van de visie, bij het bepalen van het beleid rondom welbevinden en bijbehorende doelstellingen. Het beleid wordt jaarlijks geëvalueerd met deze doelgroepen en wordt zo nodig bijgesteld. De visie en het beleid worden gepubliceerd in de schoolgids.

Schoolregels

De school heeft gedragsregels over hoe zij wil bijdragen aan welbevinden. Door met elkaar na te denken en besluiten te nemen over regels ontstaat draagvlak voor schooleigen (gedrags)regels. Regels zijn hierdoor een uiting van de gewenste schoolcultuur. Betrek ook leerlingen in de klas bij het opstellen van klassenregels door de leerlingen hierover mee te laten denken. Goede regels zijn concreet en eenvoudig geformuleerd, hebben betrekking op waarneembaar gedrag, zijn positief geformuleerd, zijn te begrijpen, zijn in de wij-vorm geformuleerd, zijn situatie-overstijgend, zijn te handhaven, zijn voorzien van een sanctie en er is vastgelegd wie sanctioneert.

Informeren van leerlingen en ouders

De school informeert leerlingen en ouders over het beleid en gedragsregels rondom Welbevinden, alsmede de sancties, in de schoolgids en/of op de website.

Borging taken en verantwoordelijkheden

Een medewerker van de school wordt belast met de coördinatie van het thema Welbevinden, meestal een zorgcoördinator of een mentor. Deze persoon ziet toe op de naleving van de gedragsregels, zorgt voor de nodige trainingen voor medewerkers en draagt zorg voor de communicatie rondom welbevinden.

Evaluatie

Het beleid en de gedragsregels worden geëvalueerd. De school legt vast wanneer en door wie dit wordt gedaan.